Geofictie Wiki
Advertisement

De stad Akkerá ligt in het zuidoosten van de Isselse provincie Kleif. Akkerá is een heim met een belangrijke rol in de geschiedenis van Kleif. De stad is tegenwoordig vooral bekend als het centrum van de Nederlandse gemeenschap van Issel, al wordt het Nederlands in Akkerá zelf nauwelijks gesproken. In Akkerá wonen zo'n 95.000 mensen.

Geschiedenis[]

Zicht op de binnenstad

Akkerá moet in de late middeleeuwen zijn ontstaan rond een kasteel en een landgoed. Het riviertje dat hier in de Isselse zee uitmondde werd Akorn Ea genoemd, "water van Akor/Agor". Blijkbaar had de landheer van het gebiedje de naam Agor,al is ook een verwijzing naar de Isselse heilige St. Agor mogelijk.

Het stadje dat ontstond was een typisch marktplaatsje voor het omliggende platteland, dat maar deels ontgonnen was en zeker in de winter slecht bereikbaar. Akkerá was aan de klifkusten van Kleif een van de weinige natuurlijke havens, al was deze haven slecht begaanbaar voor grotere schepen. Vanuit Akkerá werden drie steenwegen aangelegd die het platteland beter bereikbaar moesten maken, een voor de middeleeuwen bijzonder ambitieus project, dat maar deels slaagde. In het stratenpatroon van de binnenstad zijn deze uitvalswegen nog altijd te herkennen.

Pas na de Isselse Burgeroorlog werd Akkerá een heim: na de dramatische splitsing van het graafschap Kleif werd Akkerá de hoofdstad van het zuidelijke, protestantse deel. De moeraslanden rondom Kleif werden in de 18e eeuw ontgonnen door Hollandse inwijkelingen, de boura(boeren), die voor een belangrijk deel in Issel bleven wonen, ook nadat Issel weer onafhankelijk was geworden. Zo kon Akkerá, dat geen provinciehoofdstad werd, toch een zekere centrumpositie handhaven, als hoofdstad van de Nederlandse gemeenschap.

In de tweede helft van de twintigste eeuw werd Akkerá een forensenstad, vooral voor Langheul. De stad heeft goede verbindingen met de rest van het land.

Stadsbeeld[]

Akkerá is pas na de middeleeuwen tot bloei gekomen. De binnenstad is vooral in de 17e en 18e bebouwd en doet meer dan andere Isselse plaatsen Hollands aan, al heeft ze ook weer een typisch Isselse, wat rommelige inrichting, met smalle straatjes, poortjes en glooiing.

Straatje

Het kleine kopstation in de binnenstad, Akkerá Inhêm, is één van de mooiste van Issel. Het doet in vormgeving enigszins aan een Griekse tempel denken, maar het gebouw is veel minder pompeus dan andere classicistische gebouwen uit die tijd. Het lommerrijke pleintje ten zuiden van het station is autovrij en zeker in de zomer heel sfeervol.

De binnenstad zelf wordt gedomineerd door de sobere Nuwtjurk, een grote protestantse kerk in lichte baksteen. De hoge toren in het midden is nog redelijk sierlijk. De kerk heeft aan vier zijden grote deuren, zoals vaker bij protestantse kerkbouw in Issel, en is van binnen opvallend licht en hoog. De Aldtjurk, ook protestants, is veel ouder: dit is de kleine, middeleeuwse parochiekerk van de binnenstad, die na de reformatie eigenlijk niet heel veel is veranderd. Zo is de gebeeldhouwde passie destijds achter panelen verstopt, en daardoor goed geconserveerd. Thans is deze kerk een museum en cultureel centrum en wordt ze stukje bij beetje in oude glorie hersteld.

Het Tonshús domineert het marktplein van de stad en is direct met het indrukwekkende Heirmanspalassa, het grafelijk hof, verbonden. De toren van het grafelijk paleis is de tweede toren van de binnenstad. Aan de andere kant van het marktplein staat het kleine, sierlijke waaggebouw uit 1663 dat werd ontworpen door de Hollandse architect Pieter Post en dan ook in een typische, Holland-classicistische stijl is vormgegeven.

Typisch voor Akkerá zijn de smalle steegjes tussen de hoofdstraten, die alle uitvalswegen zijn. Voor autoverkeer is Akkerá eigenlijk niet geschikt. De moderne wijken rond het centrum zijn juist ruim opgezet.

Verkeer en vervoer[]

Akkerá heeft een goede bereikbaarheid.

Auto[]

Akkerá is aangesloten op de L1, de grote autosnelweg van Noloage naar Marshefa. Hierdoor heeft de stad uitstekende verbindingen met Langheul en It Ton. Verschillende provinciale wegen zorgen voor snelle verbindingen met Marston, Beur en Walsele. In Akkerá zelf loopt een brede stadsweg waar 70 mag worden gereden die de verschillende woonwijken met elkaar verbindt. Het centrum zelf is grotendeels autovrij. Parkeren is vaak een probleem.

Trein[]

De Isselse spoorwegen beschikken in Akkerá over twee stations: Akkerá Inhêm, een kopstation in het oude centrum, en Akkerá Ourhajste. Dit laatste station is het grootst en ligt aan de rand van de stad. Het is gebouwd in de jaren 70. Hier stoppen alle treinen, dus ook de intercity's, terwijl het kopstation alleen door enkele regionale treinen wordt aangedaan. Met deze treinen kan vanuit het hoofdstation eenvoudig de binnenstad worden bereikt.

Bus[]

Nabij het hoofdstation ligt een groot regionaal busstation dat voor heel zuidelijk [Kleif]] van groot belang is. Hiervandaan vertrekken ook de stadsbussen van Akkerá. Nabij station Inhêm is een klein tweede busstation voorzien.

Fiets[]

Akkerá heeft een "Nederlandse" uitstraling, wordt wel gezegd. De vele fietsen dragen daar zeker aan bij. Door de stad loopt een modern netwerk van fietspaden die zo min mogelijk met het autoverkeer kruisen. Dat maakt fietsen in Akkerá heel veilig.

Taal en dialect[]

Hoewel Akkerá de officieuze hoofdstad van Nederlandstalig Issel is, overheerst in de stad toch het Issels. De bevolking van Akkerá spreekt een Kleifs dialect, al wordt dat dialect steeds minder gesproken. Veel Langheulers hebben zich in Akkerá gevestigd, en het Langheuls wordt dan ook veel gehoord.

Voor sprekers van het Nederlands is Akkerá vooral van belang voor de Akademie, een dependance van de universiteit van Langheul die een aantal studies in het Nederlands aanbiedt en verder belangrijk is voor het onderzoek naar die taal, en dan met name naar de positie van het Nederlands in Issels. Verder is er in Akkerá een theologische opleiding voor Nederlandse calvinisten (Issel is verder luthers / katholiek). Veel studenten in Akkerá zijn dan ook Nederlandstalig, wat de stad voor Nederlandse bezoekers natuurlijk aantrekkelijk maakt.

Advertisement